Kunst

Kruip in het hoofd van Dick Bruna

Het atelier ziet er opgeruimd uit, alsof de medewerkers van het centraal museum het atelier in opgeruimde versie hebben tentoongesteld, maar niets is minder waar, vertelt directeur Edwin Jacobs, het museum trof de spullen van Bruna exact zo aan in zijn werkplaats aan de Jeruzalemstraat. Het is een van de vele fascinerende ontdekkingen die je als museumgast doet bij een bezoek aan het tentoongestelde atelier van Bruna. En ergens is het niet verbazingwekkend dat alles tot in de puntjes is gestructureerd, want geen tekenaar ter wereld heeft simplisme tot zo’n hoge kunst verheven.

Bij Bruna is niet een suggestie, maar een beeld juist belangrijk. Vormen moeten zo strak en eenvoudig mogelijk worden weergegeven. Voor velen lijken zijn werkjes daarom nogal simplistisch. (‘Dat kan mijn broertje van drie nog wel!’ Wie heeft dat nooit gehoord?) Maar niets is minder waar, achter iedere afbeelding gaat een monnikenwerk schuil dat zijn weerga niet kent. Bruna tekende namelijk niet met inkt en verf, hij knipte en plakte zijn kleuren uit. Intussen werd ieder nieuw karakter tot in den treure geschetst, totdat hij de ideale vorm had bereikt. Ik zou zeggen, probeer zelf eens zo strak te tekenen, het is weinigen gegeven.

Dick Bruna was een pionier in die tijd, hij vertaalde kubistische kunst naar een breed publiek. En gek genoeg heeft nog nooit iemand voor hem zoiets gedaan en na hem ook niet. Naast Nijntje tekende Bruna ook voor de pocketreeks van de zwarte beertjes. Zelf is hij daar erg trots op, blijkt in de tentoonstelling. In de vitrine ligt een aantal van zijn omslagen. Hoewel de boekjes meer dan 60 jaar oud zijn doen ze heel modern aan. En dat maakt zijn werk misschien zo iconisch: het is zo tijdloos.

Het atelier geeft ons niet alleen een blik in het werk van Bruna, maar ook in zijn  persoonlijke leven. Het is voor zijn oudste zoon, Sierk, die bij de presentatie van het museum de camera’s van RTV Utrecht en radio Een Vandaag te woord staat, ook een bijzondere en emotionele tentoonstelling.  Zo zien we fan-cadeau’s uit alle windstreken, zijn fiets waarmee Bruna vroeger door ‘ons stadsie’ reed en ook zijn blauwe bank en Nijntje stoel staan er alsof de tekenaar er zelf net in heeft gezeten. Het leven van Bruna is daardoor ‘tastbaar’. (Het werk is zelfs letterlijk tastbaar! We kunnen in de lades het papier waarmee hij werkte echt aanraken).

Al met al kunnen we in dit nagebootste atelier ervaren hoe het is Dick Bruna te zijn, we kruipen even in zijn hoofd en worden meegezogen in de fascinerende wereld van Nijntje en de vele andere karakters. En dat spreekt iedereen aan die iets met Nijntje heeft en laten we eerlijk zijn; dat zijn toch een hoop mensen, want wie is er niet groot geworden met Nijntje Pluis?

De tentoonstelling zal permanent onderdeel blijven van de vaste collectie van het Centraal Museum.

 

 

Geef een reactie

[instagram-feed]